Classico Boretti, KlimClassic en Drenthe’s Mooiste

Welk verzet? Welke banden? Elke klassieker begint met een plan van aanpak!

Zowel de prof als de wielerliefhebber staan voor dezelfde keuze met de voorjaarsklassiekers in aantocht.
Wat wordt het weer? Over welke wegen wordt er gereden? Hoe lang en hoe steil zijn de beklimmingen?

Al deze vragen komen ieder jaar weer aan bod en zijn dan ook meer dan de moeite waard om je voor te interesseren.
Zeker wanneer je gaat deelnemen aan je eigen voorjaarsklassieker!
Na al het spektakel wat is te volgen op tv, is het zaak wat je hoort, ziet en leest ook mee te nemen in je eigen voorbereiding.

Met zowel de Classico Boretti op 6 mei, de 14e KlimClassic op Hemelvaartsdag en 25 mei als de Drenthe’s Mooiste op zondag 11 juni, kan je op drie verschillende parcoursen gaan rijden én genieten.
Want iedere tocht heeft zijn eigen karakter.

Asfalt

Wanneer je aan de Classico Boretti denkt kan je uitgaan van mooie Geldersche asfaltwegen met hier en daar een klinkerweg.
De beklimmingen zijn goed te doen een aanpassing van je verzet keuze is niet direct nodig.
Wanneer je met 7 à 8 bar in je banden van start gaat, naar gelang je gewicht en de banden 23 of 25 mm breed zijn, zit je goed.

Betonasfalt/ België

Met de KlimClassic is het een ander verhaal.
Je rijdt over het parcours van Luik- Bastenaken-Luik. De beklimmingen in Belgische Voerstreek en Ardennen vormen jouw uitdaging.
Je tandwiel achter aanpassen is dus zeker van belang. Denk aan o.a. de La Redoute en Les Waides waar je stijgingspercentages hebt van maximaal 21% .
Ook de staat van het wegdek is niet overal even goed. Banden van 25 mm met 7.5 bar voor en 8 bar achter is een goed uitgangspunt.
En oh ja, vergeet niet de staat van je remblokjes te checken, want waar je recht omhoog gaat, ga je ook naar beneden!

Nederlandse kasseien

Met Drenthe’s Mooiste krijg je te maken met dé keienstroken van het Noorden! De Nederlandse versie van de kasseien.
Op deze keienstroken is menig wedstrijd beslist. Niet altijd door de sterkste maar vaak door een sterke renner die ook tactisch de juiste banden en bandendruk wist te combineren.
Immers je rijdt nog altijd het merendeel van het parcours over asfalt en klinkerwegen.
Wat is wijsheid? Sowieso rijden met 25 mm banden verhoogt je comfort.
Wanneer je dit weet te combineren met de juiste bandendruk dan ben je er. In het algemeen tot 70 kg rijdt je met 7 bar voor en 7.5 bar achter. Boven de 70 kg. Ga je naar 7.5 bar voor en 8 bar achter.
De 5.5 bar of 6 bar die je wel hoort wat de profs in Parijs – Roubaix aanhouden, heeft ook met 28 mm of 30 mm tubes te maken.
Houd rekening met het feit dat je draadbanden gebruikt en deze gevoeliger zijn voor een ‘stootlek’ een zogenaamde snakebite, in je binnenband. De bandenwissel biedt wel een rustmomentje;)

Kortom houd de prof met al zijn aanpak pér wedstrijd in de gaten en doe er je voordeel mee.

Enjoy cycling!

Aart Vierhouten

Meer tips?
Boek: Ik, de wielrenner van Aart Vierhouten
Aart was 14 jaar beroepsrenner en reed 12 keer Parijs – Roubaix. Hij deelt graag zijn kennis.